Laatste update op: 10 oktober 2020 admin

Welke prijzen waren er?

De prijzen 

Wisselbeker

In Augustus 1950 was de begeleidende officier van de Engelse Zeekadetten (Southend on Sea), zo enthousiast over de het zomerkamp en de gastvrijheid, dat hij een zilveren wisselbeker beschikbaar stelde. Deze wisselbeker werd op 26 april 1952 door de Britse Marine Attache te ‘s-Gravenhage, Commander W.E.J. Eames RN aan het korps, dat gedurende het zomerkamp 1951 de trofee bemachtigde, op plechtige wijze uitgereikt. Dit was in 1951 het korps Gouda.

1951 – ZKK Gouda
1952 – ZKK Zwolle
1953 – ZKK Gouda
1954 – Niet uitgereikt wegens onenigheden
1955 – ZKK Arnhem
1956 – ZKK Schiedam
1957 – Niet uitgereikt wegens onenigheden
1958 – ZKK Schiedam
1959 – ZKK Schiedam

De beker is sindsdien in bezit van het ZKK Schiedam.

De wimpels

Anno 1958: Mocht in vorige jaren slechts een wimpel worden uitgereikt en wel aan dat korps, dat gedurende het zomerkamp in gedrag, netheid, optreden en kameraadschap het meeste op de voorgrond trad, dit jaar zullen, naar wij hopen, meerdere korpsen een wimpel kunnen behalen. Uiteraard zal dit het wedstrijdelement ten goede komen. Met drie wimpels gaat de kampleiding dit jaar naar Hilversum. De „Blauwe”, de „Groene” en de „Kleine”, welke onder de volgende voorwaarden te „veroveren” zijn.

DE „BLAUWE WIMPEL”

Bestaande uit een blauw dundoek, waarin in wit — het, koggeschip”, benevens het jaartal „1958″ voorkomen. Deze wimpel zal worden uitgereikt aan dat korps, dat in

a. Gedrag,
b. Netheid,
c. Optreden en
d. Kameraadschap

gedurende het a.s. zomerkamp het meeste op de voorgrond treedt, echter met dien verstande, dat het een vooraf vastgestelde puntenwaardering als gemiddelde behaalt c.q. te boven komt. Aangezien de algemene puntenwaardering zal liggen tussen het cijfer 10 (voor uitmuntend) en het cijfer 1 (voor zeer slecht), heeft de algemene raad Zeekadetkorps Nederland bepaald dat korps de, Blauwe wimpel” toe te kennen, dat bij beoordeling van bovengenoemde eigenschappen een gemiddeld cijfer van 8,5 als minimum behaalt. Mochten meerdere korpsen boven dit minimum uitkomen, dan zal uiteraard het korps, dat het hoogste gemiddelde heeft, de „Blauwe wimpel” krijgen uitgereikt.

DE „GROENE WIMPEL”

Bestaande uit een groen dundoek, waarin in wit — het „koggeschip”, benevens het jaartal ‘4958″ voorkomen (Kleiner in uitvoering dan de „Blauwe wimpel”). Deze wimpel zal worden uitgereikt aan het korps, dat bij beoordeling van boven genoemde eigenschappen een gemiddeld cijfer van 8 als minimum behaalt. Mochten meerdere korpsen boven dit minimum uitkomen, dan zal uiteraard het korps, dat het hoogste gemiddelde heeft en niet de „Blauwe wimpel” inzake het daaromtrent bepaalde ontvangt, de, Groene wimpel” krijgen uitgereikt.

DE „KLEINE WIMPEL”

Bestaande uit een gedeeltelijk blauw en gedeeltelijk groen dundoek, waarin — in wit — Het „koggeschip”„benevens het jaartal 4958″ voorkomen (Kleiner in uitvoering dan de ,,Groene wimpel”). Deze wimpel zal worden uitgereikt aan het korps, dat bij beoordeling van bovengenoemde eigenschappen een gemiddeld cijfer van 7,5 als minimum behaalt.

Mochten meerdere korpsen boven dit minimum uitkomen, dan zal uiteraard het korps, dat het hoogste gemiddelde heeft en niet de „Blauwe wimpel” c.q. „Groene wimpel” inzake het daaromtrent bepaalde ontvangt, de „Kleine wimpel” krijgen uitgereikt.

Alle wimpels worden slechts voor de duur van een jaar uitgereikt; bij het einde van dat jaar dienen zij te worden ingeleverd. Gezien het bovenstaande, zal het iedere zeekadet duidelijk zijn, dat het niet geheel zeker is of al deze wimpels wel door de korpsen kunnen worden veroverd.

Mocht bijvoorbeeld geen enkel korps het cijfer 8,5 of hoger behalen, dan blijft het hoogste trofee, de „Blauwe wimpel”, op de uitreiking dag (9 augustus 1958) rustig in de kamer van de kampcommandant liggen. Ook kan het voorkomen, dat naast de winnaar van de „Blauwe wimpel”, de overige korpsen beneden het cijfer 8 blijven, waardoor de „Groene wimpel” geen eigenaar krijgt. Hetzelfde geldt voor de, Kleine wimpel”, indien het cijfer 7,5 of hoger niet bereikt wordt.

De kampleiding is er echter van over­tuigd, dat de deelnemende zeekadetten bij de strijd om de wimpels zich niet zul­len laten kennen. Stel je voor drie wim­pels te hebben en die niet uit te kunnen reiken. Om van de aanmaakkosten, die dan „weggesmeten” zullen zijn, nog maar te zwijgen. Neen mannen, daarvoor bezitten we te veel korpseer en is de korpskas ons te dierbaar. Over de jury, welke het doen uitreiken van de wimpels te beoordelen krijgt, vermelden wij nog het volgende.

Gelijk vorige jaren zal de jury wederom bestaan uit de commandant zomerkamp, benevens uit het hem ter beschikking staande militaire personeel. Maar ook de korpsen zelf zullen dit jaar hun oordeel uitspreken, vertegenwoordigd door een drietal zeekadetofficieren der eerste klas­se, die als adviseurs van de jury zullen optreden en dus ook beoordelingscijfers zullen geven. Deze cijfers zullen bij het vaststellen van het totaal gemiddelde de zelfde waarde hebben als de cijfers van de juryleden. Alleen zullen deze adviseurs niet deelnemen aan de einduitspraak, zodat het ook voor deze zeekadetofficie­ren — totdat de wimpels zullen zijn uit­gereikt — niet bekend zal zijn, welke korpsen de wimpels behaalden. Uiteraard zullen deze zeekadetofficieren hun eigen korps niet te beoordelen krijgen.

De nieuwe wisselbeker

“De uitreiking van de wisselbeker voor de beste watersportprestatie gedurende het zomerkamp vormt een belangrijk onderdeel van het ceremonieel, dat zoveel kleur geeft aan de ouderdag. Nu deze fel omstreden trofee definitief in het bezit van het Zeekadetkorps Schiedam is overgegaan, heeft de Ko­ninklijke Nederlandsche Reedersvereeni­ging met veel genoegen ook deze gelegenheid aangegrepen van haar waar­dering voor het werk van het Zeekadet­korps Nederland te doen blijken door een nieuwe wisselbeker ter beschikking te stellen. Zij spreekt daarbij gaarne de ‘rerwachting uit dat deze beker bij de zeil-, roei- en zwemwedstrijden tot de­zelfde uitstekende prestaties zal stimu­leren als bij de vorige beker steeds het geval is geweest.”

Met deze, we mogen wel zeggen, be­scheiden woorden heeft de Koninklijke Nederlandsche Reedersvereeniging reeds officieus een pracht van een wisselbeker aan het Zeekadetkorps Nederland ge­schonken, welke zo dadelijk officieel in handen gesteld wordt van dat korps, dat gedurende het komende zomerkamp op watersportgebied aan de top zal komen. We zeggen: officieel, en daarmee be­doelen we de eerste uitreiking van deze beker, hetgeen — naar ons ter ore is ge­komen — zal geschieden door een van de bestuursleden van de K.N.R.V. Op zondag 14 augustus namelijk zal deze functionaris naar het Marine-opleidings­kamp te Hilversum komen om des mid­dags te half zes, staande op het podium voor het ons welbekende excercitie-ter­rein, het geschenk van zijn vereniging met een gul gebaar aan het winnende korps te overhandigen.

Op dat moment zullen wij eerst defini­tief in het bezit zijn van deze zilveren cup, welke met een hoogte van 18 cm en een (grootste) doorsnede van 10 cm een trofee is, waarvoor ieder korps onge­twijfeld zijn beste krachten in zal zetten. Bekijk het plaatje hiernaast maar eens. En dan wordt het nodig, dat wij, deel­nemers aan het zomerkamp 1960, een praatje gaan maken. Zo’n praatje — on-der vier ogen — eerlijk en openhartig. De laatste jaren hebben wij moeten ondervinden, dat het zeekadetkorps Schie­dam er een traditie van had gemaakt om met de wisselbeker naar huis te gaan. En dan niet met een verschil van 1/10 of 1/100 punt, zoals dat wel eens tussen winnaar en eerstvolgende is voorge­komen bij het veroveren van de „blauwe wimpel”, neen, bier met vele, vele pun-ten voorsprong. Natuurlijk, niemand heeft dat „Schiedam” misgunt. Maar toch is hierdoor zo’n beetje de mythe ontstaan, dat het goede Schiedam on­overwinnelijk is en de andere korpsen bij deze strijd om de beker geen enkele kans hebben. „Schiedam”, zo zegt men, heeft door zijn gunstige ligging aan de Nieuwe Waterweg gedurende het hele jaar zeilmogelijkheden te over; hoe kan men op zeilgebied ooit dit korps be­strijden en hoe haar dus ooit op punten te slaan, waar het zeilen, naast roeien en zwemmen, het hoogst gekwalificeerd wordt.”

Oppervlakkig gezien zit er wel „iets” in deze redenering, maar bekijkt men de zaak terdege, dan gaat dit verhaal niet op. Immers, er zijn nog meer korpsen, die door hun ligging aan grote rivieren of in de nabijheid van uitgestrekte plas­sen zeer goede zeilmogelijkheden hebben. We kennen zelfs korpsen, die gedurende het jaar met B-2’s er geregeld op uit kunnen trekken, die dus deze sloepen, waarmee wij op Loosdrecht wedstrijd­zeilen, door en door kennen, een voor­recht, dat het Zeekadetkorps Schiedam niet heeft.

Neen, er is iets anders, dat de kracht bepaalt en dat is de teamgeest in de sloe-pen, het zich onvoorwaardelijk houden aan de commando’s van de sloepscom­mandant, het bij voorbaat aanvoelen van zijn orders, het volkomen bewust zijn van elkaars vakmanschap. Laten alle korpsen daar eens naar toe werken als zij op 12 augustus a.s. hun zeilkrachten meten, wij weten dan niet zo zeker, wie twee dagen later die nieuwe wisselbeker in ontvangst gaat nemen. Daarnaast kunnen wij altijd nog eens bekijken of wij de puntenhonorering niet zo kunnen maken, dat alle korpsen, die een bepaalde watersport als hun eigen specialiteit hebben, hetzij op zwem-, roei- of zeilgebied, een gelijke kans krijgen.

Sportief en kameraadschappelijk blijven wij ons beste beentje voorzetten, zonder te groot chauvinisme, maar ook zonder te groot minderwaardigheidsgevoel. Opdeze manier maken wij alien een goede gooi naar die prachtige cup, ons door de Koninklijke Nederlandsche Reedersver­eeniging namens de bij haar aangesloten rederijen, hopelijk voor vele jaren ge­schonken.

 

 

ZoKa’s Blauwe
Wimpel
Groene
Wimpel
Kleine
Wimpel
Wisselbeker Pokhouten Pul WR1 Zeiltrofee Vlet trofee Roei trofee RS Quest
1958 (niet) Groningen Schiedam Schiedam          
1959 Schiedam Arnhem Amsterdam Schiedam          
1960 Amsterdam Maassluis Schiedam Den Haag          
1961 Schiedam Maassluis Den Haag Schiedam          
1962 Arnhem Maassluis Amsterdam Rotterdam          
1963 Maassluis Amsterdam Gouda Den Helder          
1964 Groningen Den Helder Arnhem Den Helder          
1965 Den Haag Schiedam Maassluis Schiedam          
1966 Arnhem Gouda IJmuiden Schiedam          
1967 Maassluis Arnhem Den Helder Schiedam          
1968 Den Helder IJmuiden Gouda   Rotterdam        
1969 Arnhem Schiedam IJmuiden   Schiedam        
1970 Divisie IV Divisie II Divisie III   IJmuiden        
1971 Gouda Schiedam Rotterdam   Gouda        
1972 Gouda Arnhem Schiedam   Schiedam        
1973 Schiedam Gouda Den Haag   Gouda        
1974 Schiedam Arnhem Den Haag   Schiedam        
Jaren erna geen gegevens (nog) kunnen vinden. Wie?
1991   Vlaardingen              
1992   Vlaardingen              
1994 Alkmaar Schiedam Arnhem            
1995           Vlaardingen Vlaardingen    
1996     Vlaardingen            
1997                  
1998 Schiedam ? ?            
                   
2017 Gouda IJmond Den Helder     Almaar Gouda Moerdijk Gouda Moerdijk Gouda  
2018 Harlingen Moerdijk Waalwijk
Arnhem
    Waalwijk
Arnhem
Alkmaar   Harlingen

Ik heb een aanvulling op de ZoKa lijst

7 + 3 =

Contact formulier

Upload
Door uw bestanden te sturen geeft u ons, het Zeekadetkorps Nederland, het recht om de foto\'s en/of bestanden te plaatsen.

Dit is de officiële website van de stichting Zeekadetkorps Nederland over de geschiedenis van het korps.
Privacy statement & disclaimer | Sitemap | Contact